TENS bij bevallingspijn en weeënpijn

 

TENS (Transcutane Elektrische NeuroStimulatie) kan in veel gevallen als niet-medicamenteuze therapie bij bevallingspijn en weeënpijn tijdens de eerste fase van de bevalling worden toegepast. Neem echter altijd de voorzorgsmaatregelen in acht en volg de aanbevelingen van uw verloskundige/gynaecoloog op, om de baby tijdens de bevalling niet in gevaar te brengen.

 

De meeste zwangere vrouwen maken alleen tijdens de ontsluitingsfase van de bevalling gebruik van TENS om weeënpijn te verlichten. In Duitsland werden TENS-apparaten tot nu toe nauwelijks ingezet tijdens de beginfase van de bevalling. In Groot-Brittannië daarentegen wordt door 1 op de 5 vrouwen op enig moment tijdens de bevalling TENS gebruikt om pijn te bestrijden.

 

TENS-apparaten kunnen ook tijdens de uitdrijvingsfase worden gebruikt. In deze fase van de bevalling worden alleen de onderrug (ter hoogte van het heiligbeen) of bepaalde acupunctuurpunten gestimuleerd.

 

De voorheen geopperde bezwaren dat een TENS-apparaat zou interfereren met de CTG-registratie zijn vandaag de dag niet meer relevant. Moderne meetapparatuur is tegenwoordig op andere technologie gebaseerd dan nog maar 20 jaar geleden. Als tegen alle verwachting in het TENS-apparaat storing geeft bij de registratie van de hartslag van de baby, dan moet het TENS-apparaat worden uitgeschakeld.

Verdiep u voor de bevalling in het gebruik van het TENS-apparaat en de plaatsing van de elektroden. Wanneer de pijn eenmaal is opgekomen, zult u zich daarmee niet meer kunnen bezighouden. Vraag uw partner of verloskundige om u te helpen de elektroden op de huid te plakken.

 

TENS hoeft niet als op zichzelf staande pijnstilling te worden ingezet en kan ook in combinatie met pijnstillende medicatie worden gebruikt. Belangrijk is echter wel dat u controle over het gebruik houdt, zodat u de stroomsterkte zelf kunt reguleren.


De werking van TENS bij weeënpijn

Het geboorteproces kan in drie fasen worden onderverdeeld: de ontsluitingsfase, de uitdrijvingsfase en de nageboortefase.

 

De eerste fase van de bevalling, de zogenoemde ontsluitingsfase, begint met regelmatig optredende weeën en eindigt bij volledige ontsluiting van de baarmoedermond. In deze fase ontstaat de pijn hoofdzakelijk door het samentrekken van de baarmoeder en het verstrijken van de baarmoedermond. De pijn straalt vaak uit naar de buikholte en de rug.

De tweede fase van de bevalling, de uitdrijvingsfase, begint wanneer de baarmoedermond volledig openstaat en eindigt met de geboorte van het kind. Tijdens deze fase wordt het geboortekanaal wijder en rechter. Het bekken, de vagina en het perineum spelen hier alle een rol bij.

 

De elektrische impulsen van TENS remmen de geleiding van pijnprikkels. Ook worden bij gebruik van TENS in het lichaam chemische stoffen aangemaakt, die niet alleen een pijnstillend effect hebben, maar ook een gevoel van welbevinden opwekken. Waarschijnlijk is het de combinatie van deze factoren samen die voor pijnverlichting bij de bevalling zorgt. TENS kan daardoor vooral tijdens de eerste fase van de bevalling het grootste effect sorteren.

 


TENS tijdens de ontsluitingsfase van de bevalling

Gebruik van TENS op de rug

TENS-apparaten worden vooral tijdens de ontsluitingsfase toegepast. Uw partner of verloskundige kan u helpen om de TENS-elektroden op uw rug te plakken.

 

Eénkanaalsaansluiting op de rug:

 Dit is de beginvariant met twee elektroden. Plak de elektroden op de rug, direct onder de beha-lijn en aan weerszijden van de wervelkolom. De beha-lijn loopt ongeveer halverwege tussen de onderkant van de schouderbladen en de heupen. De elektroden moeten op minimaal 2 cm van elkaar worden geplakt; dat komt overeen met ongeveer twee vingerbreedten.

 

Voor behandeling op de rug moeten de elektroden een minimumafmeting van 5 x 9 cm hebben, om te voorkomen dat de stroomdichtheid te hoog wordt. Zwaargebouwde vrouwen kunnen eventueel kleinere elektroden gebruiken, bijvoorbeeld van 5 x 5 cm, om de stroomdichtheid wat te verhogen en zo de stroom dieper te laten doordringen naar de zenuwwortels.

Gebruik van TENS op acupunctuurpunten

We geven u hier graag twee voorbeelden van acupunctuurpunten die in de literatuur over bevallingspijn in de ontsluitingsfase worden genoemd:

  • Di 4 (Dikke darm 4 of Hegu)
  • Ma 36 (Maag 36 of Zusanli)

 De acupunctuurpunten Di 4 en Ma 36 kunnen gedurende de gehele bevalling worden gestimuleerd, maar vooral tijdens de ontsluitingsfase. Deze acupunctuurpunten worden elk met kleine elektroden geprikkeld (bijvoorbeeld ronde elektroden met een doorsnede van 32 mm).

 

 

Stimulatie met een hoge frequentie (bijv. 100 Hz) verdient de voorkeur.

 

Het acupunctuurpunt Di 4 bevindt zich op de handrug, bovenaan de huidplooi wanneer de duim en de wijsvinger tegen elkaar worden gedrukt. Hulp bij het bepalen van de plaats van acupunctuurpunt Di 4

 

Acupunctuurpunt Ma 36 bevindt zich ongeveer 4 vingerbreedten onder de knieschijf, aan de buitenzijde van het onderbeen in de holte tussen het scheenbeen en de voorste scheenbeenspier.

 

Hulp bij het bepalen van de plaats van acupunctuurpunt Ma 36


TENS tijdens de uitdrijvingsfase

Gebruik van TENS op de rug

Tweekanaalsaansluiting op de rug:

Het gebruik van vier TENS-elektroden op de rug zou effectiever kunnen zijn dan stimulatie met slechts twee elektroden. Deze toepassing is alleen wat omslachtiger, doordat er vier elektroden met kabeltjes aan het lichaam hangen. De elektroden van het eerste kanaal moeten zoals bij de éénkanaalsaansluiting op de rug worden aangebracht. De elektroden van het tweede kanaal moeten rechts en links van de wervelkolom direct boven de bilstreek (het heiligbeen) worden aangebracht.

Gebruik van TENS op acupunctuurpunten

Onder andere de onderstaande drie acupunctuurpunten worden in de literatuur over bevallingspijn in de uitdrijvingsfase vermeld:

  • MP 6 (Milt-Pancreas 6)
  • Di 4 (Dikke darm 4)
  • Ma 36 (Maag 36)

De acupunctuurpunten Di 4 en Ma 36 kunnen gedurende de gehele bevalling worden gestimuleerd (zie ook het hoofdstuk 'TENS tijdens de ontsluitingsfase van de bevalling'). MP 6 kan ook onder andere bij uitdrijvingspijn worden gebruikt. Dit punt wordt samen met Di 4 met kleine elektroden geprikkeld (bijvoorbeeld ronde elektroden met een doorsnede van 32 mm). Tijdens de uitdrijvingsfase verdient het de voorkeur een lagere frequentie in te stellen. De Chinese hoogleraar Han heeft echter ontdekt dat afwisselende frequenties tussen 100 Hz en 2 Hz het beste werken. Bij uitdrijvingspijn is dit de methode van eerste keus.

Let wel: de stroomsterkte moet hoog worden ingesteld om een pijnstillend effect te bereiken.

Hulp bij het bepalen van de plaats van acupunctuurpunt MP 6

 

De intensiteit van TENS instellen

U kunt de intensiteit van TENS op gevoel instellen. Als u al eerder TENS heeft geprobeerd of zelfs voor pijnbehandeling heeft gebruikt, zult u merken dat u de intensiteit tijdens de bevalling veel hoger instelt dan normaal. De intensiteit wordt door zwangere vrouwen meestal verhoogd wanneer een wee opkomt, en weer naar het eerdere niveau verlaagd wanneer de wee voorbij is. In principe geldt dat hogere intensiteiten effectiever zijn. Aarzel dus niet om tijdens de bevalling de intensiteit van uw TENS-apparaat op een hoger niveau in te stellen. Het moet echter geen pijn doen.

 

Wanneer mag TENS niet worden gebruikt?

  • TENS mag niet worden gebruikt tijdens een waterbevalling. Dit spreekt voor zich, maar kan bij alle drukte rondom een bevalling snel worden vergeten.
  • TENS-apparaten moeten worden uitgeschakeld op het moment dat de anesthesist een ruggenprik geeft.
  • TENS moet worden gestaakt als deze storing geeft op de CTG-registratie (van de harttonen van de baby).
  • TENS mag niet worden gebruikt in geval van een contra-indicatie.
     

Welke TENS-elektroden zijn geschikt voor gebruik tijdens de bevalling?

Zelfklevende elektroden hebben de voorkeur voor gebruik tijdens de bevalling. Het is geen overbodige luxe om drie verpakkingen TENS-elektroden klaar te leggen, omdat de elektroden na maximaal 12 uur aaneengesloten gebruik moeten worden verwisseld. Let er daarbij op dat de elektroden tegen een stoelleuning, het bed of kleding kunnen aanwrijven en zo los kunnen raken. Ook transpiratie kan de kleefkracht van TENS-elektroden verminderen. Ook als de hoekjes van de elektroden losgaan moet u deze vervangen.

 

Zelfklevende elektroden voor stimulatie op de rug zijn bij voorkeur 5 x 9 cm, of zelfs nog een slag groter. Zwaargebouwde vrouwen kunnen beter kleinere elektroden kiezen (bijvoorbeeld 5 x 5 cm), om de stroomdichtheid te vergroten.

 

Voor de stimulatie van acupunctuurpunten (acu-TENS, ook wel elektroacupunctuur of elektrostimulatieacupunctuur genoemd) moet eerder een kleinere maat zelfklevende elektroden genomen worden. Ronde elektroden zijn hiervoor het handigst (bijvoorbeeld ronde elektroden met een doorsnede van 32 mm).

 

Elektroden kunt u kopen in de webshop.

 

Voorbereiding op TENS

Verdiep u voor de bevalling in het gebruik van het TENS-apparaat en de plaatsing van de elektroden. Bij alle spanning en pijn van de bevalling zult u zich daarmee niet meer kunnen bezighouden. Bespreek dit zo mogelijk ook van tevoren met uw partner of verloskundige. Zij kunnen u dan tijdens de bevalling beter helpen met het aanbrengen van de elektroden op de huid.